‘De internationale groei ligt voor Nederland op een tank benzine verwijderd’

Is er al Europese groei die Nederland uit het dal zal trekken? Een bank zou die groei als eerste moeten merken in vorm van (naderende) fusies en overnames? ABN AMRO vertelt wat zij ziet.
De praktijk spreekt vaak boekdelen, zeker voor een bank. ‘Onze relatiemanagers zien dagelijks dat de Nederlandse ondernemingen het op de thuismarkt lastig hebben. Werkt de ondernemer ook internationaal, dan gaat het hem niet alleen wat beter af, hij is ook optimistischer.’ Dat zegt Ruut Meijer (rechts op foto), Algemeen Directeur Corporate Clients bij ABN AMRO en verantwoordelijk voor grote ondernemingen in Nederland. Hij is niet zo verrast over de 0,1 procent die het CBS voor het afgelopen kwartaal als groei berekende voor Nederland. Met een timmermansoog haalt de bank die ontwikkelingen ook uit haar eigen klantenportefeuille, zij het niet met de precisie tot achter de komma. Wat de bank minder stellig uit zijn klantenbestand haalt, is in welke branches en in welke landen ondernemers buitenlandse omzet verwachten te halen. Dus liet ABN AMRO onlangs een onderzoek doen. 
Obstakels
‘De grote lijn van de uitkomsten verraste ons niet’, zegt Ruut Meijer. ‘Maar er waren wel mooie details. Wij weten dat hoe verder weg een land ligt en hoe groter het cultuurverschil is, des te moeilijker ondernemers het vinden om zaken te doen. Denk bijvoorbeeld aan export buiten Europa en de BRIC landen (Brazilië, Rusland, India en China). Exporteurs naar die landen ervaren de in- uitvoerbelemmeringen en lokale infrastructuur wat vaker als een obstakel. Maar de exporteurs naar de BRIC-landen zijn wel twee keer zo enthousiast over hun buitenlandse kansen, vanwege de groeikansen maar misschien ook doordat zij vaker aan innovatie en onderzoek doen. Ze zijn daarmee, zeg maar, van nature ondernemers die in verandering hun kansen zien.’
Duitsland favoriet
Duitsland, dat ongeveer een kwart van het Bruto Nationaal Product van het eurogebied voor zijn rekening neemt, ziet Meijer nog steeds als het favoriete land voor internationale ondernemers. Het land heeft zijn begroting op orde, de belastingdruk (BTW en inkomstenbelasting) is er lager zodat Duitsers voor hun euro ook echt meer kunnen kopen. En Duitsers houden van kwaliteit, ook in een crisis. Daarmee is het een goed land voor ondernemingen die in de innovatie zitten, zoals voor al die hoogtechnologische ondernemingen in en rond Eindhoven, vaak spin-offs van Philips. Die hoogtechnologische ondernemingen leveren niet alleen veel aan de BRIC-landen maar ook aan Duitsland.
Tank benzine 
België is wat minder in trek bij internationale ondernemingen maar Frankrijk doet het goed onder de klanten van de bank ondanks de wat onzekere economische koers van Frankrijk. Duitsland, België en Frankrijk hebben het voordeel dat ze qua afstand – een tank benzine –, en qua opvattingen en regelgeving dichter bij Nederland liggen. Dat telt bij ondernemers. ‘Een tank benzine zuidelijker ligt dat duidelijk anders’, zegt Meijer. ‘In Zuid-Europa spreken ondernemers over bureaucratie, sterke concurrentie en een andere cultuur en omgangsvormen als een drempel bij het zakendoen. Bovendien is Zuid-Europa op dit moment economisch een zwakke regio. Ook al doet de helft van de internationale ondernemers uit Nederland hier zaken, wij verwachten niet dat voor hen de groei hier vandaan komt.’
 
Die groei zit volgens ABN AMRO voor de internationale ondernemers naast Duitsland ook in het Verenigd Koninkrijk. ‘Voor Nederlandse ondernemers is dit land qua regelgeving niet direct gemakkelijk maar het Verenigd Koninkrijk herstelt zich sneller dan verwacht’, zegt Meijer. ‘In Scandinavië zien we ook potentie voor Nederlandse export. Het gaat hier niet om een grote economie maar de Scandinavische landen zijn stabiel en ze worden goed geleid.’
Geruisloze fusies
Hoogtechnologische industrie, Transport, Agri en Food zijn de sectoren die volgens ABN AMRO als eerste van Europese groei zullen profiteren. ‘Neem vis en kaas’, zegt Meijer. ‘Daar zijn onze markten en productiewijzen zo vergelijkbaar met Duitsland en Frankrijk dat ondernemers niet alleen gemakkelijk kunnen exporteren maar ook samenwerken. Een fusie of een kleine overname zou heel natuurlijk zijn in deze markten, net als bij hoogtechnologische start-ups. In deze sectoren zouden ook zomaar samenwerkingsverbanden of fusies kunnen ontstaan. Dat zijn dan offensieve fusies en overnames, andere dan die zich momenteel in de Bouw en de Bloemenhandel voltrekken. Daar is de overcapaciteit zo groot dat kleine en grote spelers plotseling omvallen. De markt neemt de opengevallen capaciteit geruisloos over. Soms geeft een onderneming een failliet bedrijf een doorstart door het over te nemen. In de Bouw zien we dat goede zzp-ers die ten onder dreigen te gaan, soms in vaste dienst worden genomen. Maar dat zijn defensieve ‘overnames’, die, net als in 1983, de markt herstructureren.’
Huizenmarkt als vliegwiel
De M&A-afdeling van ABN AMRO herkent ook die geruisloze herstructurering in de markt. ‘Distressed M&A’, zegt Martijn Arlman (links op foto), hoofd ABN AMRO M&A Large Corporates. ‘We zien dat in de sectoren Retail en Maritiem en bij ondernemingen die diep in de schulden zitten. Die ontwikkeling zal nog wel even zo doorgaan. Maar we verwachten ook veel add-on M&A, bijvoorbeeld in de sectoren Industrie, Dienstverlening en Technologie. Een zelfs relatief kleine onderneming in Nederland is al snel afhankelijk van afzet in het buitenland. Wij verwachten dat, analoog aan het Verenigd Koninkrijk en de VS, de Nederlandse huizenmarkt weer zal aantrekken. De huizenmarkt zal de bouwsector hopelijk uit de recessie trekken. Een groeiende economie met stijgende huizenprijzen is goed voor het consumentenvertrouwen en de bestedingen.’
Naast meer grensoverschrijdende handel ziet Arlman nog twee ontwikkelingen die wijzen op naderende groei in de M&A-markt. In de eerste plaats ziet hij als een teken van vertrouwen het aantrekken van de sinds 2007 gehalveerde kapitaalmarkt. Die markt bestaat nu nog grotendeels uit het herfinancieren van leningen, maar de M&A-markt zelf trekt ook aan. In de tweede plaats ziet Arlman ook toegenomen vertrouwen onder strategische kopers naast private equity. Strategische kopers zijn nu weer bereid de opgebouwde reserves aan overnames te besteden. Private Equity is voor M&A afhankelijk van beschikbare financiering bij banken en op de kapitaalmarkt. ‘Lang wilden banken niet meer dan drie keer de EBITDA financieren’, zegt Arlman. ‘Dat loopt nu naar vier tot vijf. Daaraan zie je dat het vertrouwen onder investeerders toeneemt. En er slagen ook gewoonweg meer deals.’
Waar zit de M&A?
ABN AMRO profiteert van de potentie van de M&A-markt. De bank staat sinds 2012 weer in de top van de M&A-league table voor Nederland en op de drempel van de top tien in de M&A Europese league table. De komst van ruim zestig RBS-ers vorig jaar naar ABN AMRO heeft een versnelling gebracht voor de merchant banking activiteiten van ABN AMRO. Zij betekenden een verdubbeling van haar M&A-slagkracht waardoor de bank weer mee kan doen in de top van de Nederlandse M&A-markt.
Een significant deel van ABN AMRO’s M&A-deals zit dit jaar in de sector Technologie, Media. Verder zit een flink deel van de deals van de bank in Energie, Commodities en Transport wat meer een afspiegeling is van de contra-cyclische strategie van de bank dan van de activiteit op de markt zelf. ‘Onze investering in sectorkennis betaalt zich hier uit in het winnen van mandaten’, zegt Arlman. ‘Maar ik verwacht dat M&A markt voor deze sectoren binnenkort ook zal aantrekken, net als in de sector Food en Agri.’
Concentratieslag
ABN AMRO verwacht dat ook financiële instituten in de komende jaren veel M&A-activiteit zullen ontwikkelen. ‘De regelgeving bij banken, verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen neemt enorm toe’, schetst Arlman. ‘Dat is alleen maar te dragen door grote spelers dus zal onder de financiële instellingen een concentratieslag plaatsvinden. Die ontwikkeling wordt nog versterkt door overheden die hun financiële instellingen willen privatiseren. Ook klanten drijven banken in de hoek van concentratie. Klanten verwachten in toenemende mate dat hun bank hen ook in het buitenland kan financieren.’
Dat laatste is een ontwikkeling die ook Arlmans collega Ruut Meijer in de handelsfinanciering ziet. ‘Ondernemingen hebben in het buitenland werkkapitaal nodig en willen dat lokaal aantrekken. Daarom gaan we binnenkort in navolging van ons Commercial Finance bedrijf – dat is voorraad en debiteurenfinanciering – ook ons leasebedrijf naar Engeland en Duitsland brengen. Commercial Finance maakt in crisistijd menig deal rond. Ik verwacht dat dit nog wel even zo zal blijven. Want er zijn ondernemingen die in de crisisjaren hun buffers hebben vergroot maar we zien ook veel die door hun buffers heen raken. Het wordt weer tijd voor echte groei. Die zal voor Nederlandse ondernemingen in het begin vooral komen uit het buitenland dat op een tank benzine rijden ligt.’ 
Fotografie Reinier Gerritsen
 
Gerelateerde artikelen